Voortplanting / fokken

Bezint voordat je begint

Voordat je een nestje wilt en voordat je besloten hebt om te gaan fokken met dwerghamsters moet je voor jezelf op de rij zetten waarom je eigenlijk een nestje wilt c.q. wat je bewegingen zijn om te gaan fokken en wat de consequenties kunnen zijn. Fokken betekent niet automatisch dat alles goed gaat. Het kan namelijk ook fout gaan.

Wat is je motivatie om een nestje te hebben? Is dit omdat je het leuk lijkt of heb je een doel voor het oog zoals het verbeteren van het karakter, bouw, type, kleur etc. Wanneer het om een “pretnestje” gaat, dan moet je goed nadenken of je dit echt wel wilt en dat je de risico’s wilt lopen dat het fout kan gaan.

De volgende punten moet je eerst goed geregeld hebben c.q. over nagedacht hebben:

1. Je hebt meerdere kooien nodig.

Als je niet wilt dat jouw dwerghamster meerdere nestjes achter elkaar krijgt, dan moet je het mannetje tijdig bij het vrouwtje weg halen. Als je het mannetje bij het vrouwtje laat, kan het voorkomen dat het vrouwtje het mannetje weg jaagt. Op een bepaald moment moeten de kinderen van de moeder worden gescheiden. Wanneer je de jongen niet snel genoeg kwijt kunt, dan moet je de jongen geslacht gescheiden houden. Verstandig is dat je minimaal vier kooien hebt.

2. Waar gaan de jongen heen?

Wanneer je een nestje plant, dan kan je beste eerst kijken wie allemaal een dwerghamster wilt. Je kunt daarnaast ook langs de dierenwinkel gaan en vragen of ze dwerghamsters kunnen gebruiken. Wanneer je er niet van af kunt komen, zou je ze eventueel hieraan kunnen doen. Je ziet op Marktplaats veel advertenties staan m.b.t. aanbod van jonge dwerghamsters. Dit is een mogelijkheid om je eigen gefokte dwerghamsters kwijt te raken, maar dit houdt ook in dat je risico loopt om ze niet tijdig kwijt te raken.

3. Welk moment neem je een nestje?

Er zijn mensen die juist in een zomervakantie een nestje plannen. Dit omdat het leuk is en ze er tijd voor hebben. Realiseer dat juist dit een moment is dat je heel slecht van jonge dwerghamsters af kunt komen. De vraag naar dwerghamsters is in de zomer het kleinst. In de zomervakantie zijn veel mensen weg. De dierenwinkels hebben met warme weer minder dwerghamsters nodig omdat de vraag erna veel minder is.

4. Zijn de dwerghamsters wel fokgeschikt?

Het is heel belangrijk om te weten of je dwerghamsters fokgeschikt zijn. Wanneer je zo min mogelijk risico wilt lopen op afwijkingen, zieke jongen, etc. zou je de achtergrond van je dwerghamsters moeten weten.

5. Wat als het mis gaat...

Het kan zijn dat er complicaties optreden. Je moet dan wel de mogelijkheid hebben om naar de dierenarts te gaan en/of dat je iemand kent die je kan helpen bij momenten waar je zelf geen ervaring mee hebt.

Fokgeschikt

Wat je eerst moet bepalen, is of de Russen waarmee je een nestje mee wilt hebben, wel fokgeschikt zijn. Wanneer de Russen van een fokker vandaan komen, kan je aan hem of haar vragen wat de achtergrond van deze Russen zijn. Beste is om dit al de aanschaf van de Russen te stellen.

Wanneer het om exemplaren gaat die uit de dierenwinkel komen, dan loop je meer risico. Je weet dan namelijk niet waar ze gefokt zijn, hoe ze gefokt zijn en of er ook hybride dwerghamsters gebruikt zijn. Wanneer het mannetje en het vrouwtje uit hetzelfde nest komen c.q. gelijktijdig in een zelfde dierenwinkel aangeschaft zijn, dan kan je beste niet onderling fokken. Je loopt namelijk kans dat je inteelt pleegt en hierbij kunnen verborgen gebreken aan het licht komen. Het beste is om een mannetje en een vrouwtje van verschillende nesten te gebruiken, of in verschillende dierenwinkels of op verschillende momenten aangeschaft.

Het vrouwtje moet niet te oud zijn. Wanneer het vrouwtje ouder dan 10 maand is en ze heeft nog nooit een nestje gehad, dan kan je beter dit vrouwtje niet laten dekken. Zet geen vrouwtjes meer in de fok wanneer ze 12 maanden of ouder zijn. Tenzij ze koppelgewijs zitten. Het stoppen van fokken gaat meestal automatisch.

Bekijk ook de bouw van de Russen waarmee je een nestje wilt. De rug moet niet krom zijn. Beste is om met een vinger vanaf de kop tot en met de staart te gaan, dan mag je in principe geen bobbel voelen. De ogen moeten mooi rond zijn en niet geknepen zijn. De kop mag niet te spits zijn, de Russen moeten een volle kop hebben.

Geslachtsrijp

De Russische dwerghamster is rond week 5/6 al geslachtsrijp. Dit is nog veel te jong om jongen te krijgen. Wanneer je het mannetje en het vrouwtje van jongs af aan bij elkaar hebt gezet, kan je het eerste nestje rond week 12-16 verwachten. Het kan voorkomen dat het nestje later komt of heel soms iets eerder. Dit laatste komt niet vaak voor.

Koppel nooit een volwassen man met een heel jong vrouwtje. De dekking kan dan veel te snel plaatsvinden en het vrouwtje krijgt dan te vroeg een nestje. Wat je vaak ziet is dat het vrouwtje te snel uitgeput raakt. Ook komt het voor dat het vrouwtje met haar kinderen geen raad weet en dat de jongen overlijden.

Wanneer je het mannetje en het vrouwtje apart hebt zitten, dan kan je het beste ze pas na week 12 koppelen. Zo ben je zeker dat het vrouwtje niet te vroeg een nestje krijgt.

Als je jonge Russische dwerghamsters hebt, dan moet je ze rond week 5/6 geslachtgescheiden gaan houden. Zo loop je geen risico dat vrouwtjes gedekt worden. In de praktijk zie je niet zo snel dat er op zo’n jonge leeftijd een dekking plaatsvindt, behalve als er ook oude exemplaren tussen zitten. Laat daarom de vader niet langer dan tot vijf weken bij de jongen.

Vruchtbaarheidscycles

Om de vier tot vijf dagen is het vrouwtje ongeveer 15 tot 20 uur vruchtbaar. Bij ongeveer 85% van de vrouwtjes bedraagt dit vier dagen en bij 15% 5 dagen. Direct na de bevalling is het vrouwtje weer vruchtbaar en kan er opnieuw een dekking plaatsvinden indien het mannetje er nog bij zit.

Koppelgewijs houden

Je kunt de Russische dwerghamster koppelgewijs houden en je kan zonder problemen het mannetje erbij laten terwijl het vrouwtje jongen heeft. Je moet wel realiseren dat het vrouwtje direct na de bevalling weer vruchtbaar is en dat de kans aanwezig is dat het vrouwtje direct weer gedekt wordt. Het koppeltje krijgt een aantal nesten achter elkaar. Wat je in praktijk vaak ziet is dat de eerste 3-4 nesten het grootst in aantal zijn en daarna de aantallen kleiner worden. Ze stoppen meestal tussen 5-6 nesten met fokken. Maar het komt ook voor dat ze meer nesten achter elkaar krijgen.

Kom je erachter dat het vrouwtje jongen heeft terwijl het mannetje er nog bij zit terwijl dit eigenlijk niet de bedoeling was, dan kan je het beste dit zo laten. De kans dat het vrouwtje alweer bevrucht is, is vrij groot. Wanneer je het mannetje nu weg haalt, loop je kans dat het vrouwtje gestrest raakt met alle gevolgen van dien.

Wanneer het mannetje erbij blijft, dan zal het mannetje ook voor de kinderen zorgen. Het komt voor dat het vrouwtje na de bevalling in slaap valt terwijl niet alle jongen bij elkaar liggen. Het mannetje kiest er dan soms voor om de jongen naar het vrouwtje te brengen of om de jongen zelf warm te houden. Wetenschappelijk is aangetoond dat de meeste jongen overleven indien er koppelgewijs fokt.

Het koppelen

De Russische dwerghamster is gemakkelijk te koppelen. Beste is om ze beide eerst in je hand te houden en elkaar hun achter werk te laten ruiken. Je moet ze zo vast houden dat ze niet kunnen bewegen (dus in een vuisthouding). Zo kunnen ze elkaar even ruiken en is het straks geen verrassing. Daarna kan je het beste de koppen even bij elkaar houden. Wanneer het vrouwtje begint te krijsen, betekent dit dat zij zich overgeeft. Dat is een goed teken. Je kan ze dan bij elkaar zetten. Het beste kan je ze in de kooi van de man plaatsen, maar dit hoeft niet perse. Wanneer het vrouwtje begint te sissen en/of een drang vertoont om naar het mannetje te willen, dan accepteert het vrouwtje de man niet. Je zult zien dat wanneer je ze dan bij elkaar zet, het meestal direct tot ruzie leidt. Wanneer het mannetje begint te krijsen, dan laat het mannetje zien dat hij onderdanig is. Dit is meestal geen goed teken. Het vrouwtje accepteert vaak zo’n mannetje niet.

Zorg ervoor dat wanneer je ze bij elkaar zet, je iets hebt om tussen de twee dwerghamsters kunt zetten op moment dat ze ruzie hebben. Een klepje van een vervoersbak is ideaal hiervoor. Op het moment dat ze ruzie hebben, kan je dit er tussen plaatsen en één hiermee eruit scheppen. Zo voorkom je dat jezelf gebeten wordt.

Let bij het koppelen van twee Russische dwerghamsters ook op hun leeftijden. Een jongere man met een oudere vrouw leidt vaker tot onenigheid dan dat je een oudere man met een jongere vrouw koppelt.

De dekking

De dekking vindt meestal onverwachts plaats. Het kan soms gebeuren dat wanneer je twee Russen bij elkaar zet, ze direct overgaan tot paren. Maar meestal paren ze in de nachtelijke uren. Een dekking betekent niet automatisch dat het vrouwtje ook bevrucht raakt. Het komt geregeld voor dat een Rus geen jongen krijgt of dat het weken, zelfs maanden, duurt voordat de eerste jongen geboren worden.


Minder vruchtbaar

Wanneer het mannetje een wintervacht heeft, is hij minder vruchtbaar. Dit betekent niet dat hij op dat moment steriel is. Maar er zal minder snel een succesvolle dekking plaatsvinden.

De draagtijd

De draagtijd varieert tussen 16 en de 21 dagen. De draagtijd van het eerste nestje is vaak 1 tot 2 dagen korter en duurt 16-17 dagen. Bij het tweede en volgende nestje duurt het vaak wat langer.

Het vrouwtje is drachtig

Meestal kan je aan het vrouwtje zien dat ze drachtig is. Het vrouwtje wordt dan duidelijk dikker. Maar wanneer het vrouwtje drachtig is van een paar jongen, dan kan het soms als een verrassing komen.

Voorbereidingen voor de bevalling

Het beste is om de kooi twee tot drie dagen voor de bevalling schoon te maken. Na de bevalling kan je de kooi beste namelijk niet schoonmaken tot dat de jongen 21 dagen oud zijn. Geef het vrouwtje extra wc-papier als nestmateriaal.

Wanneer er een molentje en/of een huisje in de kooi staat, kan je deze beste eruit halen. Het komt wel eens voor dat het vrouwtje na de bevalling in het molentje gaat lopen en haar jongen laat liggen. Ook komt het wel eens voor dat juist onder het molentje een nest wordt gemaakt en dat kan fout aflopen. Wanneer er een huisje in de kooi staat en het vrouwtje maakt haar nest in dit huisje, dan heb je geen zicht op de jongen. Daarnaast raakt het huisje snel bevuilt.

De bevalling

Meestal vindt de bevalling in de nacht of heel vroeg in de ochtend plaats, maar het kan soms ook overdag plaatsvinden. Wanneer je ziet dat het vrouwtje de jongen baart, dan kan je het beste het vrouwtje niet storen.

Na de geboorte kan het zijn dat het vrouwtje heel moe is en in slaapt valt, terwijl er nog jongen in verschillende hoeken van de kooi liggen. Wanneer het om één exemplaar gaat, kan je beste dit oppakken en net naast de moeder laten vallen (2-3 cm boven het vrouwtje). Als het om meerdere jongen gaat, dan kan je het beste eerst het vrouwtje afleiden. Dit kan door middel van het voeren of door extra wc-papier te geven. Het vrouwtje zal dan van het nest afgaan en dat is het moment om de jongen in haar nest te leggen. De jongen kan je met duim en wijsvinger pakken of je kunt de jongen met een klein lepeltje verplaatsen.

Wat soms gebeurd is dat het vrouwtje direct na de bevalling haar hele kooi omspit. Ga er dan niet constant bij staan en laat dit gewoon gaan. Het vrouwtje is op zoek naar mogelijke verdwaalde jongen of is gestress geraakt. Wil je dit toch laten ophouden, dan kan je het beste het vrouwtje afleiden door middel van het voeren of extra wc-papier als nestmateriaal geven. De kans is dan aanwezig dat het vrouwtje daarna terug gaat naar haar nest en vergeten is dat ze aan het spitten was.


Aantal jongen per nest

De grote van het nest kan variëren tussen 1 en de 13. Gemiddeld krijgt een Russische dwerghamster zeven jongen. Het gemiddelde is afhankelijk van de voeding, hoe oud het vrouwtje is en erfelijke eigenschappen. Bepaalde genen zijn namelijk lethaal en dit kan inhouden dat vruchten in de baarmoeder afgestoten worden. Ook de mate van vitaminen rijke voeding heeft invloed op het nest aantallen. Oude vrouwtjes krijgen meestal kleinere nestjes.

Het record ligt op 13 jongen in één nest. Een Russische dwerghamster kan met gemakt tien jongen groot brengen. Is het nest groter, dan is de kans aanwezig dat de zwakste jongeren het niet gaan halen. Het vrouwtje heeft namelijk slechts acht tepels.

Complicaties

Het beste is dat je om de paar dagen de tepels van het vrouwtje controleert. Dit vooral bij haar eerste nest. De meeste complicaties die op kunnen treden zijn complicaties met betrekking tot de tepels. De overige complicaties komen maar zeer zelden voor.

De genetische tepelinfectie

Een veel voorkomende complicatie is namelijk een genetisch defect dat ook wel de genetische tepelinfectie genoemd wordt. Het is een erfelijke afwijking die dominant vererft. Wanneer het vrouwtje het gen geërfd heeft, functioneert één tepel niet goed. Wanneer de jongen geboren zijn, begint de melkproductie op gang te komen. Bij de defecte tepel hoopt deze melk onderhuids op. Het vrouwtje begint zich niet goed te voelen en blijft vaak overmatig op het nest zitten. Aan de achterkant aan beide bovenzijde kan een inzakken te zien zijn. Na dag vijf of later kan er een zwarte plek ontstaan. Op een gegeven moment ontstaat er een grote wond. Wanneer deze wond schoon is, gaat het meestal snel weer over.

Wanneer je dit ziet, kan je in principe niets doen en kan je het beste de natuur zijn gang laten gaan. Enige waar je wel op moet letten, is dat wanneer de wond open is, het schoon is. Indien dit niet het geval is, kan je het beste naar de dierenarts gaan. Hij kan dan de wond schoon maken. Natuurlijk, wanneer je genoeg ervaring hebt, kan je dit ook zelf doen.

Waar je ingeval voor moet zorgen, is dat zowel met de moeder als met de kinderen niet verder gefokt wordt. Het defect vererft vrij dominant. Een ander eigenschap is dat de Russen die het defect hebben, vaak veel groter en breder zijn. Wanneer je puur op grootte selecteert, selecteer je juist op dit gen.

Tepelinfectie

Het vrouwtje kan ook een normale tepelinfectie krijgen. Een groot verschil is dat de tepel naast groter ook veel roder wordt. Er ontstaat in tegen stelling bij de genetische tepelinfectie een gele kop. Wanneer de wond open barst, komt de pus eruit. Het beste is dat je naar de dierenarts gaat.

Kont-kop geboorte

Normaliter liggen de jongen zodanig dat eerst de kop naar buiten komt en daarna de rest. Heel soms komt het voor dat de jong of jongen verkeerd liggen. De achterste komt er eerst eruit. De jong kan vast komen te zitten en het vrouwtje begint de jong kapot te bijten. Heel soms lukt het vrouwtje niet om van haar jongen af te komen. Wanneer je denkt dat dit aan de hand is, dan kan je het beste heel voorzichtig het vrouwtje oppakken en kijken of je haar kan helpen met het uittrekken van de jong. Doe dit heel voorzichtig zodat het niet verder kapot scheurt. Deze complicatie treedt niet heel vaak op.

Missen van ledenmaten

Soms komt het voor dat het vrouwtje te hard trekt en daarbij een ledenmaat verloren gaat.

Heel soms heeft het vrouwtje overmatige drang om haar jongen schoon te houden. Dit kan zelfs toen leiden dat de ledenmaten van haar jongen eraf geknabbeld worden. Helaas kan je hier weinig aan doen. Beste is om met zo’n vrouwtje niet verder te fokken.

Placenta

Wanneer een jong geboren wordt, wordt de placenta en de navelstreng direct opgegeten. Het komt heel zelden voor dat het vrouwtje zo vermoeid is, dat zij niet de moeite neemt om dit te doen. Wat je kunt doen is de placenta van de jongen verwijderen en de jongen bij hun moeder leggen. Gebruik bij de navelstreng geen schaar, dit leidt meestal tot de dood van de jongen omdat ze daarna dood bloeden. Het beste is om met je nagels de navelstreng in tweeën te scheuren. De hele navelstreng hoeft er niet af, dit is te riskant.

Slechte kwaliteit moedermelk

Het komt heel soms voor dat in de moedermelk te weinig voeding zit. De jongen krijgen nauwelijks haar en binnen een paar dagen overlijden ze.

Genetische afwijkingen en ziektes

Er bestaan diverse afwijkingen en ziektes die genetisch aangelegd zijn. Zo kan er suikerziekte of tumoren in de lijn zitten. Soms komen er afwijkingen naar voren zoals een knikstaart (een staart die altijd rechtop staat) of een klompvoet (een omgedraaide voet). Bij de dwerghamsters wordt de knikstaart ook wel een wipstaart genoemd.


Genetische tepelinfectie

Normale tepelinfectie

Een knikstaart / wipstaart

Missen ledenmaten

Opgroeien van de jongen

De jongen worden geheel naakt, blind en doof geboren. Tussen dag 2 en 3 groeien de haartjes al en de eerste pigmentkleur is al zichtbaar. De oorschelp begint zich te ontwikkelen. Bij dag 4 komt de oren los van de hooft en de snorharen beginnen zichtbaar te worden. Bij dag 5 zijn de jongen stukken donkerder geworden. De vingers en tenen groeien en ongeveer bij dag 8 zijn ze volledig volgroeit en los van elkaar. Bij dag 10 gaan de oorgangen open en kunnen de jongen horen. Bij dag 12-13 gaan de ogen open en kunnen ze zien.

Bij dag 10 beginnen de jongen vaak al aan vast voer. Wanneer ze aan het vast voer beginnen, groeien ze erg snel. Beste is om niet alleen voer in de voerbak te doen, maar ook rondom de voerbak voer te strooien. De jongen kunnen al vanaf dag 10 door de kooi gaan lopen op zoek naar voedsel, terwijl ze nog blind zijn.

Geef meer voer dan normaal. Het zijn vanaf dag 13-14 echte eetmonsters geworden.

Op de onderstaande foto's zie je dat ik de kleintjes vanaf dag één op mijn hand houd. Dit is puur gedaan om goede foto's te maken en dit bij een dwerghamster die ik erg goed ken en dit vanmij accepteert. Beter is om de kleintjes tot en met dag 14 niet op te pakken.


Dag 1

Dag 2

Dag 3

Dag 4

Dag 5

Dag 6

Dag 7

Dag 8

Dag 9

Dag 10

Dag 11

Dag 12

Dag 13

Dag 14

Dag 15

Dag 16

Klik hier als je het geluid van één dag oude Rusjes wilt horen.

Tam maken

Beste is om de jongen tot en met moment dat hun ogen open zijn, niet op te pakken. De Russische dwerghamster is van nature al tam en je zult merken dat het tam maken weinig energie kost. In het begin kan het voorkomen dat ze krijsen en dat ze hun tandjes laten zien, maar ze zullen bijna nooit overgaan tot bijten. Vanaf ongeveer dag 15 kan je ze heel voorzichtig oppakken.

Het moment dat de jongen bij hun moeder weg kunnen

Tussen dag 21-23 kunnen de jongen bij hun moeder weg. Het moment is afhankelijk van de grootte van de jongen en de verdraagbaarheid van het vrouwtje. Het vrouwtje wil namelijk nog wel eens de jongen weg jagen. Wanneer je dan de jongen niet weg haalt, loop je kans dat het vrouwtje de jongen dood bijt. In veel boeken en op andere sites lees je dat je de jongen vijf weken bij de moeder moet laten. Dit is NIET correct.

Het beste is om de jongen daarna nog minimaal één week bij elkaar te laten. Ze vinden elkaars warmte heerlijk en ze spelen heel graag nog met elkaar. Binnen deze week groeien ze heel hard.

Afhankelijk van hoe groot ze zijn, kunnen de kleine Rusjes meestal tussen week vier en vijf naar hun nieuwe eigenaren.